Posts tonen met het label Kameroen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kameroen. Alle posts tonen

maandag 20 augustus 2012

Nieuwe kikkersoort ontdekt in onderzoeksgebied KMDA

Wetenschappers van de Zoo van Antwerpen, het Natural History Museum London en het Museum für Naturkunde in Berlijn hebben tijdens een expeditie in Zuid Kameroen een nieuwe kikkersoort ontdekt. Het expeditiegebied in de periferie van het Dja Biosphere Reserve in het zuiden van Kameroen is gesitueerd rond het onderzoeksstation "La Belgique" van Projet Grands Singes, een conservatieproject van ons eigen CRC (Centre for Research and Conservation). De ontdekking werd uitgebreid beschreven in het laatste nummer van het wetenschappelijke tijdschrift Zootaxa.
Tijdens het veldwerk in het gebied waar PGS gorilla’s en chimpansees onderzoekt, verzamelden de expeditieleden enkele kleine kikkers die niet overeenkomen met eerder bekende soorten. De nieuwe soort, Phrynobatrachus ruthbeateae, vertoont een combinatie van unieke kenmerken en een kenmerkend kleurpatroon dat bestaat uit een zwart gezichtsmasker, een zwarte keel bij mannetjes, een witte keel met zwarte kaken bij vrouwtjes en een witte buik bij beide geslachten. De soort wordt verder gekenmerkt door het kleine formaat, het ontbreken van een hoorntje op het ooglid, zwarte stekels op voorste deel van de keel (de vocale zak) bij mannetjes, stekels op de flanken, de aanwezigheid van hechtschijven op de top van tenen en vinger. Uit DNA-analyses bleek dat de nieuwe soort duidelijk verschilt van 34 andere West-en Centraalafrikaanse soorten van het genus, en het meest lijkt op verschillende Phrynobatrachus soorten die bijna allemaal enkel voorkomen in Kameroen.

Mark-Oliver Rödel, Thomas Doherty-Bone, Marcel Talla Kouete, Peter Janzen, Katherine Garrett, Robert Browne, Nono Legrand Gonwouo, Michael F. Barej & Laura Sandberger (2012) A new small Phrynobatrachus (Amphibia: Anura: Phrynobatrachidae) from southern Cameroon. Zootaxa 3431: 54–68 (2012)

vrijdag 19 november 2010

Internationale erkenning voor onderzoek in Kameroen

Het werk van het CRC in Kameroen heeft de afgelopen maanden internationale erkenning geboekt. Voor onze wetenschappelijke en conservatieactiviteiten in Kameroen ontvingen we enkele belangrijke beurzen.
Onze doctoraatstudent Charles-Albert Petre wist zich te verzekeren van een doctoraatsbeurs van de Federale Overheid (Federaal Wetenschapsbeleid - BELSPO) om zijn project in Kameroen aan zaadverspreiding door gorilla's voort te zetten. In dit project werkt het CRC samen met het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN) en de Universiteit voor Agronomie in Gembloux om te bepalen of gorilla's met zaden die zij verspreiden met hun mest een positieve bijdrage leveren aan de herbebossing van gekapte bossen in Kameroen.
In September, tijdens de lancering van de nieuwe conservatiecampagne van de Europese Dierentuinvereniging EAZA, werd Projet Grands Singes verkozen als een van de projecten die in het zonnetje gezet zullen worden. De meer dan 300 EAZA dierentuinen zullen in 2011 tijdens de EAZA APE-campagne een heel jaar aandacht vragen en geld inzamelen ten behoeve van de bescherming van chimpanzees, bonobo’s, gorilla’s orang-oetans, en gibbons. De campagne richt zich op de drie belangrijkste oorzaken die het voortbestaan van mensapen in de natuur bedreigen: het verlies van geschikte leefgebieden, de illegale jacht en handel in apen, en de steeds grotere rol die besmettelijke ziektes spelen in het voortbestaan van mensapen. De KMDA is de hoofdpartner van het Dja Biosphere Reserve Project, een samenwerkingsverband met de  London Zoo en Bristol Zoo dat tracht een bijdrage te leveren aan het duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen en de biodiversiteit in Kameroen. Om in hun inkomen te voorzien jaagt de lokale bevolking rond het natuurreservaat van de Dja jaagt op verschillende diersoorten waaronder westelijke laaglandgorilla's en chimpansees. In samenwerking met de lokale bevolking ontwikkelen we een plan voor duurzame jacht in het bos, en werken we samen aan kleinschalige economische activiteiten als alternatief voor de illegale stroperij. Met 35 dorpsgemeenschappen rond het Dja reservaat willen we niet-duurzame activiteiten in het bos, en met name de jacht op apen verminderen.
Voor een van de projecten in samenwerking met de Belgische organisatie Ape Assistance (Apas), ontvingen we van de Arcus Foundation een geldbedrag van US$ 50.000 om kleinschalige cacaoteelt op te zetten in de dorpen. Deze organisatie ondersteunt vooral programma’s die duurzame ontwikkeling en wetenschappelijk onderzoek gebruiken voor de bescherming van mensapen in de natuur. Daarnaast ontvingen we in september nog een prijs ter waarde van €40.000 van de US Fish and Wildlife Service om te voorzien in alternatieven voor de ilegale stroperij.
Nikki Tagg, Zjef Pereboom / PGS-CRC
Foto: Anne de Graaf / EFICO Foundation

vrijdag 27 februari 2009

Eerlijke choco uit Kameroen


Het ‘Projet Grands Singes’ (PGS) van KMDA is een uniek wetenschappelijk project dat onderzoek, natuurbehoud en duurzame ontwikkeling combineert in één programma. Het hoofddoel van PGS is de bescherming van chimpansees en gorilla’s door middel van wetenschappelijk onderzoek, en duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen te stimuleren van bij de lokale bevolking. De plattelandsbevolking in het zuidoosten van Kameroen is zeer arm en steunt grotendeels op de hen omringende natuurlijke hulpbronnen voor voedsel en inkomsten. Samen met de lokale bevolking en lokale overheden zoekt PGS naar alternatieve inkomensbronnen om zo de nood aan commerciële jachtpraktijken te verminderen.

Een van onze meest recente projecten is een programma om de cultivering van cacao te verbeteren in de plattelandsdorpen in de Noordelijke Periferie van het Dja Biosfeer Reservaat waar onze wetenschappers hun onderzoek doen. Voor dat project heeft het CRC een beurs ontvangen van €19.000 van het EFICO fonds, een bedrijfsfonds onder beheer van de Koning Boudewijn Stichting.


De cultivering van een lucratieve variëteit van cacao kan helpen om de armoede te verminderen en het negatieve effect op het milieu te reduceren door duurzame ontwikkeling te stimuleren. Met het geld van EFICO zal PGS materialen en technische trainingen voorzien in samenwerking met Dr Dibog van het IRAD, het Kameroenese onderzoeksinstituut voor agronomie. Samen met de bevolking worden zo nieuwe cacaoplantages gecreëerd, om enerzijds de levensstandaard te verbeteren en daarnaast bij te dragen tot de bescherming van de natuurlijke hulpbronnen en mensapen.

Nikki Tagg, Zjef Pereboom

dinsdag 25 november 2008

Mensapen met mieren

In Centraal Afrika delen westelijke laaglandgorilla’s en chimpansees vaak dezelfde gebieden en hebben nagenoeg hetzelfde dieet. Om niet in elkaars vaarwater te zitten eten ze verschillende planten op verschillende momenten. Hoewel insecten een klein deel van hun menu uitmaken lijkt er daar ook sprake te zijn van verschillende strategieën. Op 22 april verdedigde Isra Deblauwe van het CRC haar proefschrift op de Universiteit Antwerpen. Dit is de allereerste studie waarbij het insectendieet van gorilla’s en chimpansees werd vergeleken en waarbij rekening gehouden werd met zowel de voedingswaarde van mieren en termieten als met ecologische omstandigheden in het woud.

Uit de studie bleek dat chimpansees en gorilla’s vooral termieten en mieren eten met erg zichtbare nesten of hoge activiteit, maar niet die soorten welke in de grootste aantallen aanwezig zijn. Om het insectendieet van beide mensapen in detail te bestuderen verzamelde en onderzocht Isra en haar medewerkers grote hoeveelheden mest van chimpansees en gorilla’s in het regenwoud van Zuidoost Kameroen. Uit die mest bepaalde ze aan de hand van de achtergebleven huidskeletjes welke insectensoorten de apen aten. Het studiegebied bleek uitzonderlijk veel soorten termieten en mieren te hebben, waarschijnlijk veroorzaakt door de variatie in woudtypes in het studiegebied.

De studie toont onder andere duidelijk aan dat chimpansees andere termieten en mieren eten dan gorilla’s. Die verschillen komen niet alleen doordat chimpansees werktuigen gebruiken en gorilla’s niet, maar vooral door de verschillen in noden en in de voedingswaarde van de insecten. Chimpansees eten bijvoorbeeld voornamelijk termieten wanneer er minder vruchten beschikbaar zijn. Deze termieten blijken veel energie te leveren die chimpansees normaal uit de vruchten halen. Gorilla’s eten echter termieten het hele jaar door en ze lijken dat voornamelijk te doen omdat ze daarmee waardevolle extra voedingstoffen binnen krijgen.

Behalve de wetenschappelijke kennis over het voedingsgedrag en het eten van insecten door mensapen, kunnen de resultaten van deze studie gebruikt worden in natuurbescherming. Alleen al het resultaat dat er naast chimpansees en gorilla’s zo bijzonder veel insectensoorten (en waarschijnlijk ook andere diersoorten) voorkomen, maakt het al de moeite waard om dit stukje Afrika te beschermen. Meer specifiek voor de zoogemeenschap kunnen deze resultaten belangrijke informatie opleveren voor de dieten van mensapen in dierentuinen.

Isra Deblauwe | Zjef Pereboom | CRC

Deblauwe I., De Koninck W. (2007) Diversity and distribution of ground-dwelling ants in a lowland rainforest in southeast Cameroon. Insectes Sociaux 54: 334-342 doi: 10.1007/s00040-007-0951-8

Deblauwe I., Dekoninck W. (2007) Spatio-temporal patterns of the ground-dwelling ant assemblages in a lowland rainforest in southeast Cameroon. Insectes Sociaux 54: 343-350 doi: 10.1007/s00040-007-0952-7

Deblauwe I, Janssens GP (2008) New insights in insect prey choice by chimpanzees and gorillas in southeast Cameroon: the role of nutritional value. Am J Phys Anthropol.: 135(1):42-55.

Deblauwe, Isra, Luc Dibog, Alain D. Missoup, Jef Dupain, Linda Van Elsacker, Wouter Dekoninck, Dries Bonte and Frederik Hendrickx (2008) Spatial scales affecting termite diversity in lowland rainforest: a case study in southeast Cameroon. Afr. J. Ecol. 46: 5-18

Deblauwe Isra (2008). Temporal variation in insect-eating by chimpanzees and gorillas in southeast Cameroon: extension of niche differentiation. International Journal of Primatology 46: 5-18